BMI berekenen en begrijpen: een complete gids

Leer hoe je je BMI berekent, wat de uitkomst betekent en wanneer BMI wel of niet betrouwbaar is. Inclusief tips voor een gezond gewicht.

Go Leaner|8 maart 2026|7 min leestijd

Wat is BMI?

BMI staat voor Body Mass Index, een veelgebruikte maat om te bepalen of iemand een gezond gewicht heeft in verhouding tot zijn of haar lengte. De BMI werd in de 19e eeuw ontwikkeld door de Belgische wiskundige Adolphe Quetelet en wordt sindsdien wereldwijd gebruikt door artsen, onderzoekers en gezondheidsorganisaties. Het is een eenvoudige berekening die een indicatie geeft van je gewichtsstatus, maar zoals we verderop zullen bespreken, vertelt het niet het hele verhaal.

De World Health Organization (WHO) gebruikt BMI als standaardmaat om overgewicht en obesitas op bevolkingsniveau te classificeren. In Nederland hanteert het RIVM dezelfde richtlijnen. Hoewel BMI zijn beperkingen kent, blijft het een waardevol startpunt voor het beoordelen van gezondheidsrisico's die samenhangen met lichaamsgewicht.

Hoe bereken je je BMI?

De BMI-formule is verrassend eenvoudig. Je deelt je gewicht in kilogrammen door het kwadraat van je lengte in meters:

BMI = gewicht (kg) / lengte (m) x lengte (m)

Laten we dit verduidelijken met een voorbeeld. Stel, je weegt 82 kilogram en je bent 1,75 meter lang. Dan is de berekening als volgt:

82 / (1,75 x 1,75) = 82 / 3,0625 = 26,8

In dit geval is de BMI 26,8, wat volgens de standaardclassificatie in de categorie "overgewicht" valt.

Voor mensen die gewend zijn aan het Engelse systeem met pounds en inches geldt een iets andere formule, maar in Nederland gebruiken we vrijwel altijd het metrische stelsel. Je kunt je BMI ook eenvoudig berekenen met een van de vele online BMI-calculators die beschikbaar zijn.

De BMI-categorieën uitgelegd

De WHO hanteert de volgende BMI-categorieën voor volwassenen:

  • Ondergewicht: BMI lager dan 18,5
  • Normaal gewicht: BMI tussen 18,5 en 24,9
  • Overgewicht: BMI tussen 25,0 en 29,9
  • Obesitas klasse I: BMI tussen 30,0 en 34,9
  • Obesitas klasse II: BMI tussen 35,0 en 39,9
  • Obesitas klasse III (morbide obesitas): BMI van 40,0 of hoger
  • Deze categorieën zijn gebaseerd op uitgebreid epidemiologisch onderzoek dat aantoont dat gezondheidsrisico's toenemen naarmate de BMI stijgt boven de 25. Bij een BMI boven de 30 nemen risico's op aandoeningen zoals type 2 diabetes, hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker aanzienlijk toe.

    Het is belangrijk om te weten dat deze grenzen niet absoluut zijn. Ze zijn gebaseerd op gemiddelden van grote populaties en houden geen rekening met individuele variaties.

    Waarom is BMI belangrijk voor je gezondheid?

    Een te hoge BMI is geassocieerd met een verhoogd risico op tal van gezondheidsproblemen. Onderzoek gepubliceerd in The Lancet toont aan dat een BMI boven de 25 samenhangt met een verhoogd risico op vroegtijdig overlijden. De risico's nemen progressief toe naarmate de BMI stijgt.

    De belangrijkste gezondheidsrisico's bij een te hoge BMI zijn:

  • Type 2 diabetes mellitus
  • Hart- en vaatziekten, waaronder hoge bloeddruk en coronaire hartziekte
  • Bepaalde vormen van kanker, zoals borstkanker en darmkanker
  • Slaapapneu
  • Gewrichtsklachten, met name artrose
  • Leververvetting
  • Psychische klachten, waaronder depressie
  • Ook een te lage BMI brengt gezondheidsrisico's met zich mee. Ondergewicht kan leiden tot een verzwakt immuunsysteem, osteoporose, vruchtbaarheidsproblemen en een verhoogd risico op infecties.

    De beperkingen van BMI

    Hoewel BMI een nuttig screeningsinstrument is, heeft het belangrijke beperkingen waar je rekening mee moet houden.

    Geen onderscheid tussen vet en spierweefsel

    De grootste beperking van BMI is dat het geen onderscheid maakt tussen vetmassa en spiermassa. Een gespierde atleet kan een hoge BMI hebben terwijl hij of zij een laag vetpercentage heeft. Omgekeerd kan iemand met een "normale" BMI een ongezond hoog vetpercentage hebben, een fenomeen dat bekend staat als "skinny fat" of normaal gewicht obesitas.

    Geen informatie over vetverdeling

    BMI zegt niets over waar het vet zich bevindt in het lichaam. Buikvet, ook wel visceraal vet genoemd, is aanzienlijk schadelijker dan onderhuids vet op bijvoorbeeld de heupen en dijen. Twee personen met dezelfde BMI kunnen daarom zeer verschillende gezondheidsrisico's hebben, afhankelijk van hun vetverdeling.

    Verschillen tussen bevolkingsgroepen

    De standaard BMI-categorieën zijn ontwikkeld op basis van onderzoek onder voornamelijk Europese populaties. Onderzoek heeft aangetoond dat gezondheidsrisico's bij dezelfde BMI-waarde kunnen verschillen tussen etnische groepen. Zo hebben mensen van Zuid-Aziatische afkomst al bij een lagere BMI een verhoogd risico op type 2 diabetes.

    Leeftijd en geslacht

    BMI houdt geen rekening met leeftijdsgerelateerde veranderingen in lichaamssamenstelling. Naarmate mensen ouder worden, neemt de spiermassa doorgaans af en neemt de vetmassa toe, zelfs als het gewicht gelijk blijft. Ook zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen: vrouwen hebben van nature een hoger vetpercentage dan mannen bij dezelfde BMI.

    Betere alternatieven en aanvullingen op BMI

    Omdat BMI zijn beperkingen kent, raden gezondheidsexperts aan om het te combineren met andere metingen voor een completer beeld van je gezondheid.

    Buikomtrek

    De buikomtrek is een eenvoudige maar waardevolle aanvullende meting. Een buikomtrek van meer dan 88 centimeter bij vrouwen of meer dan 102 centimeter bij mannen wijst op een verhoogd risico op metabole aandoeningen. Deze meting geeft directe informatie over de hoeveelheid buikvet.

    Taille-heupverhouding

    De taille-heupverhouding (waist-to-hip ratio) wordt berekend door de tailleomtrek te delen door de heupomtrek. Een ratio boven de 0,85 bij vrouwen of boven de 0,90 bij mannen duidt op een appelvormige vetverdeling, die geassocieerd is met hogere gezondheidsrisico's.

    Vetpercentage

    Het meten van je vetpercentage geeft een nauwkeuriger beeld van je lichaamssamenstelling dan BMI alleen. Dit kan worden gemeten met methoden zoals een huidplooimeter, bio-elektrische impedantieanalyse (BIA) of een DEXA-scan.

    BMI en gewichtsverlies: wanneer is actie nodig?

    Als je BMI aangeeft dat je overgewicht of obesitas hebt, is het verstandig om met een arts te overleggen over mogelijke stappen. Niet iedereen met een verhoogde BMI hoeft direct af te vallen, maar het is wel belangrijk om je algehele gezondheid te laten beoordelen.

    Voor mensen met een BMI van 30 of hoger, of een BMI van 27 of hoger in combinatie met gewichtsgerelateerde aandoeningen, kunnen GLP-1 medicijnen zoals semaglutide (Ozempic, Wegovy) of tirzepatide (Mounjaro) een effectieve behandeloptie zijn. Klinische studies hebben aangetoond dat deze medicijnen kunnen leiden tot een gewichtsverlies van 15 tot 20 procent van het lichaamsgewicht.

    Deze medicijnen werken door het nabootsen van het natuurlijke hormoon GLP-1, dat een rol speelt bij de regulatie van eetlust en bloedsuikerspiegel. Ze worden altijd voorgeschreven als onderdeel van een breder behandelplan dat ook aandacht besteedt aan voeding, beweging en leefstijlveranderingen.

    BMI bij kinderen en adolescenten

    Bij kinderen en tieners wordt BMI anders geïnterpreteerd dan bij volwassenen. Omdat kinderen nog groeien en hun lichaamssamenstelling verandert met de leeftijd, wordt de BMI vergeleken met leeftijds- en geslachtsspecifieke groeicurven. In Nederland worden hiervoor de groeidiagrammen van TNO gebruikt.

    Bij kinderen spreekt men van overgewicht wanneer de BMI boven het 85e percentiel ligt, en van obesitas wanneer de BMI boven het 95e percentiel ligt. Het is belangrijk dat ouders die zich zorgen maken over het gewicht van hun kind dit bespreken met een huisarts of jeugdarts.

    Praktische tips voor een gezond gewicht

    Ongeacht je huidige BMI, zijn er een aantal evidence-based strategieën die bijdragen aan het bereiken en behouden van een gezond gewicht:

    1. Eet gevarieerd en gebalanceerd: Volg de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum en richt je op groenten, fruit, volkoren producten, peulvruchten en magere eiwitten.

    2. Beweeg voldoende: De Nederlandse beweegrichtlijnen adviseren minimaal 150 minuten matig intensieve beweging per week, aangevuld met spier- en botversterkende oefeningen.

    3. Slaap goed: Onderzoek toont aan dat onvoldoende slaap geassocieerd is met gewichtstoename. Streef naar 7 tot 9 uur slaap per nacht.

    4. Beheer stress: Chronische stress kan leiden tot emotioneel eten en gewichtstoename. Ontspanningstechnieken zoals mindfulness kunnen helpen.

    5. Zoek professionele begeleiding: Als je moeite hebt om af te vallen, schroom dan niet om hulp te zoeken bij een arts, diëtist of online kliniek.

    Conclusie

    BMI is een eenvoudig en toegankelijk hulpmiddel om een eerste inschatting te maken van je gewichtsstatus en de bijbehorende gezondheidsrisico's. Het is echter geen perfect instrument. Door BMI te combineren met andere metingen zoals buikomtrek en vetpercentage, krijg je een completer en betrouwbaarder beeld van je gezondheid.

    Als je BMI aangeeft dat je overgewicht of obesitas hebt, zijn er tegenwoordig effectieve behandelopties beschikbaar. Van leefstijlaanpassingen tot medicamenteuze ondersteuning met GLP-1 medicijnen: er is voor iedereen een passende aanpak. Het belangrijkste is dat je de eerste stap zet en in gesprek gaat met een zorgverlener over je mogelijkheden.


    Veelgestelde Vragen

    Hoe bereken ik mijn BMI?

    Je berekent je BMI door je gewicht in kilogrammen te delen door je lengte in meters in het kwadraat. De formule is: BMI = gewicht (kg) / (lengte (m) x lengte (m)). Een persoon van 80 kg en 1,80 m heeft bijvoorbeeld een BMI van 24,7.

    Wat is een gezonde BMI?

    Een gezonde BMI ligt volgens de WHO tussen 18,5 en 24,9. Een BMI onder 18,5 wijst op ondergewicht, terwijl een BMI van 25 of hoger op overgewicht duidt. Houd er rekening mee dat BMI niet het volledige beeld geeft van je gezondheid.

    Waarom is BMI niet altijd betrouwbaar?

    BMI maakt geen onderscheid tussen vet- en spiermassa en zegt niets over vetverdeling in het lichaam. Een gespierde persoon kan een hoge BMI hebben zonder daadwerkelijk te zwaar te zijn. Daarom is het verstandig om BMI te combineren met andere metingen zoals buikomtrek.

    Vanaf welke BMI komen GLP-1 medicijnen in aanmerking?

    GLP-1 medicijnen zoals Ozempic, Wegovy en Mounjaro worden doorgaans voorgeschreven bij een BMI van 30 of hoger, of bij een BMI van 27 of hoger in combinatie met gewichtsgerelateerde aandoeningen zoals type 2 diabetes of hoge bloeddruk.

    Wat is een betere maat dan BMI voor gezondheid?

    De buikomtrek is een waardevolle aanvulling op BMI, omdat het direct iets zegt over de hoeveelheid buikvet. Een buikomtrek boven 88 cm bij vrouwen of boven 102 cm bij mannen wijst op verhoogde gezondheidsrisico's. Ook het vetpercentage en de taille-heupverhouding geven een beter beeld.


    Bronnen

    1. 1.Body-mass index and all-cause mortality: individual-participant-data meta-analysis of 239 prospective studies in four continents, Di Angelantonio E, et al. Body-mass index and all-cause mortality: individual-participant-data meta-analysis of 239 prospective studies in four continents. Lancet. 2016;388(10046):776-786.
    2. 2.WHO Obesity and overweight fact sheet, World Health Organization. Obesity and overweight. WHO Fact Sheet. 2024.
    3. 3.Once-Weekly Semaglutide in Adults with Overweight or Obesity (STEP 1), Wilding JPH, et al. Once-Weekly Semaglutide in Adults with Overweight or Obesity. N Engl J Med. 2021;384(11):989-1002.
    4. 4.Waist circumference and waist-hip ratio: report of a WHO expert consultation, World Health Organization. Waist circumference and waist-hip ratio: report of a WHO expert consultation, Geneva, 8-11 December 2008. WHO. 2011.
    5. 5.Tirzepatide Once Weekly for the Treatment of Obesity (SURMOUNT-1), Jastreboff AM, et al. Tirzepatide Once Weekly for the Treatment of Obesity. N Engl J Med. 2022;387(3):205-216.

    Klaar om te beginnen?

    Check in 2 minuten of u in aanmerking komt voor GLP-1 behandeling.

    Check Geschiktheid